Samenwerking scholen en Circulair Ambachtscentrum in BUCH-gemeenten succesvol


De gemeenten Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo (BUCH-gemeenten) willen de hoeveelheid restafval van inwoners flink omlaag brengen. Daarom onderzoeken ze de haalbaarheid van een Circulair Ambachtscentrum. Dit centrum moet een prettige plek worden waar inwoners, onder het genot van een kop koffie, spullen kunnen laten repareren of (bouw)kringloopgoederen kunnen inleveren. Ook moet het een plek worden waar ze zich realiseren dat het weggooien van bruikbare materialen eigenlijk heel erg zonde is. Esther Keijser, projectleider circulair bij de BUCH-gemeenten , vertelt: “We willen ons met het Circulair Ambachtscentrum richten op zichtbaarheid, participatie en het vergroten van bewustwording. We willen dat inwoners zien waarom we het doen en wat de waarde is van materialen en grondstoffen. Ook onderzoeken we op dit moment hoe we scholen zoveel mogelijk bij ons circulaire centrum kunnen betrekken.”

Succesvolle samenwerking met scholen

Binnen het Circulair Ambachtscentrum werken de BUCH-gemeenten al een tijdje succesvol samen met een aantal onderwijsinstellingen, zoals het Technasium van het Bonhoeffer College en het Participatory City Making Lab van de TU Delft. Het komende jaar wordt de samenwerking met meer scholen verder vormgegeven. Als meer scholen zich aansluiten, kunnen veel mensen in de gemeente bereikt worden. Leerlingen en studenten spreken namelijk weer met hun ouders en grootouders over hun projecten bij het Circulair Ambachtscentrum.

De leerlingen van het Technasium werken op dit moment voor verschillende opdrachtgevers vanuit de BUCH-gemeenten. Docent Britt Dekker van het Bonhoeffer College is enthousiast: “Bij het Technasium staat samenwerking met het bedrijfsleven en het hoger onderwijs centraal. Bij deze opdracht voor de BUCH-gemeenten waren alle elementen voor een goede technasiumopdracht aanwezig.”

Uitdagende circulaire projecten

Leerlingen van het Bonhoeffer College en studenten van de TU Delft werkten de afgelopen tijd aan een inspirerende opdracht: ze moesten een product maken uit grofafval van milieustraten. Ze leerden tijdens deze opdracht niet alleen meer over het ontwerpproces. Ook zagen ze met eigen ogen wat er allemaal wordt weggegooid aan nog bruikbare materialen. Verder zagen ze vaak nog een tweede leven in een product. Producten hoeven namelijk niet altijd te worden weggegooid als ze stuk zijn. “Dat is natuurlijk waar we naartoe moeten met z’n allen; we hoeven niet meer naar de milieustraat met kapotte producten. Ze kunnen vaak nog prima gerepareerd of hergebruikt worden”, zegt Esther.

Volgend jaar gaan de leerlingen van het Technasium waarschijnlijk het Circulair Ambachtscentrum ontwerpen. “Heel leuk, want dat levert ons veel inspiratie op. En op deze manier kunnen we ook veel jongeren bereiken over het thema. Het werkt dus twee kanten op”, vertelt Esther.

Begeleiding van leerlingen en studenten

Leerlingen en studenten die aan de slag gaan voor het Circulair Ambachtscentrum worden begeleid vanuit de BUCH-gemeenten. “De tijd die je aan begeleiden kwijt bent, valt heel erg mee”, geeft Esther aan. Ze moeten bijvoorbeeld begeleid worden bij het ophalen van de materialen bij de milieustraat. En ze hebben vaak allerlei vragen over onderwerpen waar ze mee bezig zijn. Vanuit de scholen wordt natuurlijk ook voor begeleiding gezorgd. Daar zegt Britt over: “Iedere technasiumopdracht vraagt vooral tijd voor de voorbereiding en organisatie. Het begint met het bespreken van de opdracht met de opdrachtgever, vervolgens schrijven de docenten in samenwerking met de opdrachtgever en expert de opdracht voor de leerlingen. Daarnaast zijn we aanwezig bij de kick-off, gaan we op tussentijds lesbezoek, blijft een expert betrokken en zijn we natuurlijk bij de eindpresentaties.”

“Op dit moment zijn drie teams uit de 4e klas van de bovenbouw aan de slag met circulaire onderzoeks- en ontwerpopgaven die nu actueel zijn binnen de BUCH gemeenten. Voor de toekomst zie ik dus zeker veel mooie kansen voor nieuwe opdrachten voor de onder- en bovenbouw“, volgens Britt Dekker

Circulair Ambachtscentrum in de toekomst

Op dit moment wordt het Circulair Ambachtscentrum verder vormgegeven. Er wordt niet alleen gekeken naar de samenwerking met scholen. Ook zoeken BUCH-gemeenten de samenwerking op met onder andere kringloopwinkels, milieustraten en met de dagbesteding van twee instellingen. Esther vertelt hierover: “Het samenwerken met deze enthousiaste partijen levert veel energie op. En die energie is belangrijk, want je bent ook deels aan het experimenteren. Wat werkt wel en wat werkt niet? Dat kan alleen met gemotiveerde partijen die met je mee willen doen.” In de toekomst wil het Circulair Ambachtscentrum zoveel mogelijk functies integreren op de milieustraat. Op dit moment wordt nog onderzocht welke functies er wel of niet moeten komen. Esther: “Het winnen van de prijsvraag van Rijkswaterstaat is daarin heel handig geweest. Want met het gewonnen bedrag kunnen we een en ander uitproberen. Op die manier hebben we straks een overtuigend verhaal om iets daadwerkelijk te realiseren.”


Esther Keijser

Esther Keijzer, projectleider circulair en senior beleidsmedewerker grondstoffen bij de BUCH-gemeenten

Britt Dekker, docent aan het Boenhoeffer College: “De leerlingen werkten met veel plezier aan de opdracht. Zij kregen veel vrijheid in het kiezen van de doelgroep en producttype dat zij mochten ontwerpen konden ze veel creativiteit kwijt in de ontwerpoplossing. De leerlingen werden uitgedaagd om het ontwerp steeds verder te ontwikkelen en te verbeteren. De leerlingen bleven gemotiveerd om het ontwerp goed uit te werken door de tussentijdse input van de experts.”

4 gemeenten doen onderzoek naar CA

Britt Dekker, docent aan het Boenhoeffer College: “De betrokkenheid van de studenten van TU Delft als experts was voor onze leerlingen erg waardevol. Op deze manier kregen de leerlingen direct een stukje loopbaanoriëntatie / studiekeuze mee. Ik denk dat de opdracht een win-win situatie opleverde voor alle partijen, waarbij kenniscirculatie en ideeënuitwisseling de opbrengst was.”